‘Die eerste paar keer dacht ik dat ik doodging.’
Een half leven geleden woonde ik in Amsterdam, bij het Vondelpark om de hoek. Samen met mijn nicht ging ik elke week hardlopen. Dat wil zeggen: we jogden het park in en na een paar minuten kon mijn nicht niet meer. Dan gingen we even wandelen en daarna weer rennen.
Aan haar woorden moest ik de afgelopen weken denken tijdens mijn spinning-klasje. Na jaren van te weinig sporten (en een continu schuldgevoel daarover) besloot ik een proefles te doen bij een fijne, niet-hippe sportschool hier in Amersfoort.
Ho.Ly.Shit.
Ergens denk je toch: fietsen, dat kan iedereen. Maar ik zat nog geen paar minuten op die fiets of ik dacht: hoe ga ik dit in hemelsnaam een uur volhouden? Waarom kán iedereen dit. Vrolijk op die pedalen staan, lekker nog wat weerstand erbij. Onze juf zong doodleuk mee met de muziek.
Ik voelde me als Dirk de Wachter op de roeimachine.
Maar meteen na die eerste keer voelde ik me zo goed: door het sporten, maar ook omdat het me gelukt was om gewoon te gaan. Waar ik op de een of andere manier zo lang tegenaan had gehikt. In de euforie sloot ik meteen een abonnement af en gaf ik me op voor de week erop.
Nu ben ik (weer) Iemand Die Sport.
Elke week zo’n klasje en op zondag een rondje hardlopen. En nu is dat knagende schuldgevoel weg. Dat je elke dag denkt: ei-gen-lijk moet ik sporten. Dat is er niet meer want ik doe het.Niet elke dag, maar dat hoeft ook niet.
Van veel schrijvers hoor ik dat ze die zeurende stem herkennen: eigenlijk moet je verder met je boek. Je hebt er al zo lang niks aan gedaan. Je zegt wel dat je het wil, maar je doet het steeds niet. Dat geeft een rotgevoel.
Ik zeg: spreek met jezelf – of nog beter, met een ander – af op welke momenten je gaat schrijven. Dat hoeven er niet veel te zijn, maar op die momenten ga je zitten en schrijven. Niet je mail doen of op de sociale kanalen.
Ga op een andere plek zitten, in de bieb of op kantoor, als dat voor jou werkt. Maak er een klasje van, samen met anderen, of meld je aan bij ons samenschrijfuurtje.
(Doe het samen is een van mijn best gelezen blogs 🙂
Whatever works for you. Maar doe het. Ga zitten en schrijf.
Het gaat er niet om dat je dan duizend woorden produceert, maar dat je op die momenten kiest voor je boek. Dat gaat je goed doen. En in de tussentijd ben je heerlijk verlost van dat eeuwige schuldgevoel.
Laat me weten wat voor jou werkt, ik hoor het graag.
Aan de bak!
Met een feedbacksessie geef je jezelf en je boek een flinke zet in de goede richting. Dan krijg je bovendien toegang tot de complete online omgeving met de schrijftraining. Ook vind je daar medeschrijvers zodat je er samen de vaart en de moed in kan houden.
‘Het programma staat als een huis. Binnen één jaar had ik mijn boek in handen. Zonder jullie was dat nooit gelukt!’ – Saskia de Badts
‘Dank voor ons leuke en inspirerende gesprek! Sta weer helemaal aan om te gaan schrijven.’ – Anne-Marie


